Als de wereldvoedselprijzen zo hoog blijven als ze nu zijn, krijgt ook de middenklasse in arme landen te maken met honger. Het Voedselprogramma van de Verenigde Naties zit krap bij kas doordat de prijzen maar liefst met 40% gestegen zijn.

Slechts 10% van de ondervoeden der aarde zal de VN volgend jaar te eten kunnen geven, dat staat synoniem aan 73 miljoen mensen in 78 landen. Daarmee blijven 657 miljoen monden onvoorzien. Het World Food Programme (WFP) is volledig afhankelijk van de bijdragen van rijke landen.

Bijkomend feit is de groeiende vraag van China en India naar steun van de WFP. Maar ook een groeiende consumptie van vlees en biobrandstoffen en niet te vergeten: de klimaatverandering. De voedselschaarte maakt ondertussen de situatie nog erger dan het al is, want in talloze landen zijn reeds gevechten uitgebroken. Daarbij doet de regel “de sterkste wint”, altijd weer opgeld.

Een oplossing is zo één-twee-drie nog niet voorhanden. Wellicht zou de VS eerst de hand in eigen boezem kunnen steken, want van alle spelers op de wereldmarkt heeft de VS altijd de grootste mond, maar ook het hardst de hand op de knip.

Tot op heden hebben slechts vijf landen voldaan aan de - jaren geleden - gemaakte afspraak om 0.6 % BNP per jaar af te staan aan ontwikkelingshulp en wij kunnen u verzekeren: de VS zat daar niet bij. Welke landen dat wel waren? Luxemburg, Noorwegen, Zweden, Denemarken en ja, Nederland ook.