De toetreding van Turkije tot Europa sukkelt al een aantal jaren voort, zonder dat er echt schot in de zaak zit. Zo heeft Turkije nog onvoldoende voortgang in de bescherming van de vrijheid van meningsuiting laten zien. Maar ook op andere vlakken, waar de Europese Unie eisen stelt aan kandidaat-lidstaten, wordt niet echt vooruitgang geboekt. Dit heeft de Europese Commissaris voor Uitbreiding, Olli Rehn, gisteren verklaard.

De EU heeft onder meer laten weten dat zij van Turkije verwacht dat het artikel 301 van het Turkse strafwet, in overeenstemming wordt gebracht met Europese Conventie over de Mensenrechten, de EVRM.
Het genoemde artikel maakt de belediging van de Turkse aard strafbaar. Een krappe drie jaar geleden kwam dit artikel nog in opspraak toen Turkije deze bepaling ter hand nam tegen de toenmalige Nobelprijswinnaar Orhan Pamuk, die de Armeense kwestie van ruim een eeuw geleden weer boven tafel bracht.

Toch gloort er hoop aan de horizon. Want er ligt een grondwetswijziging te wachten die de macht van de president op het gebied van onderwijs en rechtspraak verder inperkt en de rechten van etnische minderheden verruimt.
Dit is hard nodig, vooral voor de ruim 15 miljoen Koerden die in Turkije woonachtig zijn. Zij worden momenteel totaal niet erkend voor en door de Turkse grondwet. Er bestaan slechts Turken en zij ontlenen aan de grondwet wel belangrijke (mensen)rechten.

De Koerdische partij HADEP, is sceptisch over de ontwikkelingen. Ook na de grondwetswijzigingen zal discriminatie en ongelijke behandeling van Koerden blijven bestaan. Turks blijft de gehanteerde taal, er is geen plek voor de Koerdische cultuur. Fundamentele wetten blijven in de praktijk alleen gelden voor echte Turken.
Natuurlijk zijn er ook Turken die dit onderschrijven. Zo zegt een Turkse journalist dat Turkije, om toe te treden tot de EU, eens af moet van die schrik voor diversiteit. Kijk, now we are talking.

Reageren op dit bericht kan ook hier